01 december 2025

De M-stand: waarom ik die zelden gebruik


Voor beginnende fotografen is het een soort heilige graal: kunnen fotograferen in de M-stand. Laat ik ze uit de droom helpen: de M-stand heb je zelden nodig. Zoals we nu de auto pakken in plaats van paard en wagen, zo bieden camera's al heel lang betere opties dan de M-stand. Zo'n advertentie van Zoom Academy, daar begrijp ik dan ook niks van. Leer de M-stand en daaronder: techniek verbeteren. Als je dat laatste doet zie je al snel de zinloosheid van de M-stand in. En let op: ik leg het uit. Bij de M-stand (hierna: M) stel je diafragma en sluitertijd in. Tijdrovend, dus onwenselijk en bovendien onnodig. Daarom werken professionals praktisch altijd in de A (ook wel: Av)-stand. De A staat voor aperture, dus diafragma, lensopening. Het eerste 'instrument' dat een fotograaf in handen heeft, want met A bepaal je immers de scherptediepte. Alles scherp (bijvoorbeeld f/11), of alleen dat gezicht scherp (f/2.8)? Een laag getal = grote lensopening = minder scherptediepte. Ofwel: hoe lager - het getal - hoe vager - de achtergrond.

In de A-stand bepaalt de camera de sluitersnelheid. Een stuk sneller en niet méér 'automatisch' dan de M-stand. Daarin draai je immers ook net zo lang aan de tandwieltjes tot je op 0 staat in de belichtingsschaal?

Mijn advies: vergeet die M en fotografeer op A!

Geen opmerkingen:

Een reactie posten